Lammertink nu al dorstig voor de Amstel

Misschien was je het alweer vergeten, maar in de vijftigste Amstel Gold Race was vorig jaar een coureur van Roompot – Oranje Peloton de beste Nederlander. Zijn naam: Maurits Lammertink. Vijf vragen aan deze 25-jarige prof van de oranje brigade.

Als jullie op zondagmorgen 17 april om 10.15 uur vanaf de Markt in Maastricht vertrekken voor de koers, zijn er al zo’n 12.000 coureurs een dag eerder door de Limburgse heuvels gereden. Heb jij je vroeger ook wel eens aan de Amstel toertocht gewaagd?
,,Eh…., nou nee, om eerlijk te zijn niet. Maar dat heeft een reden hoor: ik ben vrij laat met wielrennen begonnen, dus in mijn jeugdjaren kwam het simpelweg niet in me op daaraan mee te doen. Ik was met andere dingen bezig in die jaren. Mijn vrouw en mijn ouders hebben ’m wel een aantal keer gereden, ze vonden het iedere keer geweldig.’’

Jouw prestatie in de Amstel Gold Race van afgelopen jaar – 21e plaats – kwam best wel als een verrassing. Tegelijkertijd kunnen we nu zeggen: als je zo dicht achter de winnaar kunt finishen, weet je ook hoe je deze keer in de top-10 kunt eindigen.
,,Zeker! Ik ben ervan overtuigd dat het me moet lukken, mits alles meezit. Ik ben natuurlijk geen Philippe Gilbert (de Waal die de Gold Race al drie keer won, red.), maar als ik erin slaag de laatste keer dat we de Cauberg moeten beklimmen met de besten mee te gaan, dan heb ik veel in eigen hand. De laatste edities zijn allemaal geëindigd in een groepssprint. Nou, toevallig kan ik ook goed aankomen.
,,We praten nu over de echte finale van deze wedstrijd, maar het is minstens zo belangrijk dat je precies op tijd vooraan kunt komen. De Kruisberg en de Eyserbosweg zijn cruciale punten in het parcours. Bevind je je daar te ver van achteren, dan wordt het lastig. Misschien dat er nog een kans is dat je alsnog vooraan kunt aanpikken, maar de energie die het opschuiven kost breekt je echt op in de slotfase, met twee keer de Cauberg, de Geulhemmerberg en de Bemelerberg in de laatste twintig kilometer van de race.’’

Over bergen gesproken, of wellicht is de omschrijving heuvels beter: de Cauberg is de beroemdste van Nederland. Vind je die klim ook de moeilijkste?
,,Nee hoor. Ik zie elk jaar meer op tegen de Keutenberg. Zodra je aan de voet komt, lijkt-ie nog mee te vallen omdat je met een behoorlijke snelheid begint te klimmen. Daarna stokt dat tempo en als je voor je uitkijkt zie je die weg alleen maar rechtdoor omhoog lopen. Die bult is niet heel lang – ik schat dat ik een minuut heel diep moet gaan – maar ik heb graag een paar bochtjes, zodat je niet wordt geconfronteerd met dat hele eind naar boven nog. Want dat is wel de gedachte onderweg.’’

Is jouw voorbereiding op Nederlands enige klassieker nog speciaal?
,,Als je doelt op extra trainingen of iets dergelijks, zeg ik nee. Mijn programma in de week ervoor is zo druk, dat ik tussendoor de tijd beter kan benutten om goed te herstellen en uit te rusten voor de Amstel, dan nog eens extra naar Limburg te rijden. Uiteraard verheug ik me op de Gold Race, maar in de Brabantse Pijl die drie dagen eerder wordt verreden kan ik ook prima uit de voeten.’’

D’r zou best wel weer eens een Nederlander mogen winnen. Weet je wie de laatste was?
,,Boogerd of Dekker. Goh, wanneer won Boogerd nou?….Oh, is het Dekker in 2001? Ik ben niet zo van de wielergeschiedenis, dus ik moet je dit antwoord helaas schuldig blijven. We kunnen die winnaar daarom maar beter aflossen. Daar droom ik zeker van.’’